De Vikingen

ODIN 

Vee sterft, 
vrienden sterven, 
zeker sterft men ook zelf;
maar nimmer sterft een naam
vol roem 
voor wie zich een goede verwierf. 

– Hávamál 71 

Te vaak worden lege zaken verheven tot wapenfeiten, verteld door roemloze mensen wiens naam slechts een vage schim zal achterlaten in de geschiedenis. In een tijd waarin het volk als schapen achter de zwakkeren aanloopt en de strijd door ieder wordt geschuwd in de naam van het verstand, zullen de Vikingen er zijn om ieder te confronteren met het Niets, de onwaardigen achterlatend in angst. Te vuur en te zwaard trekken de Koene Krijgers en Schone Schades plunderend door de wereld, gespleten schedels en lege vaten achter zich latend. De wapenfeiten die zij plegen worden tijdens de borrels gedeeld, waarna het gerstenat lustig uit de hoorns in de Vikingen vloeit. Hier kan een vroed man lof en gelach oogsten, terwijl voor een onvroed man zwijgen zeker het best is. 

ODIN